Voorbereiden op gesprek

Jij en je arts: De rolverdeling

Het kan soms best spannend zijn om een arts te bezoeken. Je komt er immers niet voor niets. Vaak is er iets aan de hand met je kind, waardoor je een arts bezoekt. Ook kunnen ziekenhuizen of revalidatiecentra soms intimiderend op je overkomen.
Het is belangrijk om je te realiseren wat je rol is als ouder en wat de verantwoordelijkheid is van de arts. Artsen weten heel veel van medische zaken zoals diagnoses, behandelingen, verwachtingen voor de toekomst etc. Als ouder van je kind weet je echter het meest over je kind. Dit betekent dat zowel jijzelf als de arts experts zijn, allebei op hun eigen gebied. In feite zijn jullie samen één team rond je kind; elk met een eigen rol en eigen kennis. Zoals in elk team is communicatie en goede samenwerking erg belangrijk.
Onderwerpen die jij als ouder belangrijk vindt, zijn dus belangrijk om ter sprake te brengen bij het bezoek aan de arts.

In gesprek met de arts.

Het is belangrijk om het bezoek aan de arts zo goed mogelijk te benutten. Je krijgt tijdens je bezoek aan je arts veel informatie. Het is normaal dat een deel van deze informatie langs je heen gaat. Daarvoor volgen hieronder enkele tips:

 

  • Voorbereiden

    Bedenk van tevoren goed waarvoor je naar de arts gaat. Schrijf de vragen die je hebt op of sla ze op in je boodschappenlijst in de Kennisbank. De Kennisbank kan je helpen om te kijken welke vragen je kan hebben en helpt je mee om alvast wat informatie op te zoeken. Als er onderwerpen zijn die je moeilijk vindt om te bespreken, schrijf dan ook deze op en neem deze mee naar de afspraak. Leg je vragen aan het begin van het gesprek op tafel en geef aan dat je een aantal onderwerpen wil bespreken.

    Tips voor begrijpen en onthouden van informatie

    • Neem iemand mee bij je je op je gemak voelt, die je vertrouwt, die je steunt en op de hoogte is van je situatie.
    • Uit je zorgen. Dit geeft ruimte in je hoofd om te luisteren.
    • Maak aantekeningen tijdens het gesprek of spreek van tevoren af dat degene die met je meegaat dit doet. Aantekeningen helpen je om te checken of informatie goed is uitgelegd en kunnen je later helpen om iets op te zoeken. Soms kun je ook vragen of je het gesprek mag opnemen, bijvoorbeeld op je mobiele telefoon.
    • Herhaal in je eigen woorden wat de arts je verteld heeft. Zo blijkt of hij/zij duidelijk genoeg is geweest en of je de informatie goed hebt begrepen.
    • Stel vragen. En wees niet bang een vraag opnieuw te stellen, bijvoorbeeld omdat het antwoord niet duidelijk was. Vraag je arts om zijn antwoord op een andere manier te formuleren of moeilijke medische termen in begrijpelijke woorden te vertalen.
    • Wees niet bang terug te komen op een onderwerp dat al aan de orde is geweest.
    • Vraag na afloop van het gesprek om folders of websites waar je informatie terug kan vinden.
       
  • Het stellen van vragen

    Om precies te weten te komen wat je wilt weten is het belangrijk om vragen te stellen. Zo kun je aangeven welke onderwerpen je wilt behandelen tijdens het gesprek. Er bestaan geen ‘rare’ of ‘domme’ vragen. Alle vragen die in de Kennisbank staan zijn vragen waarvoor je bij de revalidatiearts terecht kunt. Probeer van tevoren voor jezelf een top5 of een top10 te maken van de belangrijkste vragen. Stel de belangrijkste vragen als eerste. Voor sommige vragen kun je doorverwezen worden naar een andere specialist of behandelaar, omdat die je vraag beter kan beantwoorden. Als je een antwoord op een vraag niet duidelijk genoeg vindt, kun je je vraag nog een keer stellen. Vraag ter afsluiting aan je arts of er een mogelijkheid is om vragen te stellen na afloop van het consult, bijvoorbeeld per e-mail. Wees niet bang om een vraag te stellen, ook als je denkt dat een vraag niet relevant is. Omgekeerd: vertel de arts die zaken waarvan jij denkt dat hij/zij ze moet weten.
     

  • Struikelblokken en misverstanden

    Soms loopt het contact tussen jou en de arts wat stroef. Er kan dan van alles meespelen. Dat kunnen bijvoorbeeld onuitgesproken verwachtingen zijn.

    Wees alert op de struikelblokken die je mogelijk zelf veroorzaakt. Belangrijk is dat je je wensen en verwachtingen duidelijk maakt. Of je arts daar altijd helemaal aan kan voldoen is een tweede, maar het is dan in elk geval besproken en kan hij/zij je eventueel ook naar iemand anders verwijzen

    Wat je niet moet doen (overgenomen van een andere folder)

    • Je vertelt niet alles over de ziektegeschiedenis of familiesituatie, omdat je denkt dat je arts het niet belangrijk vindt.
    • Je doet alsof je de arts begrijpt, terwijl dat niet zo is.
    • Je stelt een (belangrijke) vraag op een onhandig moment, bijvoorbeeld aan het eind van het gesprek.
    • Je durft geen extra bedenktijd te vragen voor een beslissing die belangrijk is, bijvoorbeeld voor welke behandeling jij en je kind kiezen. Bedenktijd is belangrijk en altijd mogelijk.
    • Je bent bang om tegen het advies van de arts in te gaan, omdat je denkt dat de arts dat vervelend vindt.
    • Je bent bang om ‘domme’ vragen te stellen of je schaamt je voor bepaalde vragen.
    • Je laat jezelf of de persoon die met jou en je kind mee is gekomen te veel aan het woord, terwijl je kind (of jij) liever zelf je vragen wilt stellen.
     

    Heb je na het gesprek nog vragen?

    Na het gesprek met de arts of therapeut kan de ene na de andere vraag bij je opkomen. Schrijf vragen die je te binnen schieten op of noteer ze in de Kennisbank boodschappenlijst, zodat je deze in een eventueel volgend gesprek of via de telefoon of e-mail aan de orde kunt stellen.
     

  • Lees verder:

    http://zorgzine.npcf.nl/praten_met_je_dokter/zes-tips
    http://ntracademie.nl/cursussen/cursuspagina/10-stappencursus-hoe-behandel-ik-mijn-dokter/stap/1.html 

    Tekst deels overgenomen uit KWF brochure ‘Kanker… in gesprek met je klinisch geneticus of genetisch consulent’

Wat vind je ervan? Laat hier je reactie achter.