Rondom de medische behandeling

Vragen

De 'dagelijkse' medische verzorging van mijn kind (bijvoorbeeld verzorgen sonde, katheteriseren, epilepsieprotocol)

Wanneer je kind dagelijks medische verzorging nodig heeft, is het handig dit zelf te leren wanneer dat kan. Wanneer er een operatie aan vooraf gaat (bijvoorbeeld bij een PEG-sonde of een katheter) zal je in het ziekenhuis van een verpleegkundige leren hoe je hiermee om moet gaan.

Wanneer je kind naar huis gaat, kan er met ondersteuning vanuit maatschappelijk werk, geregeld worden dat je kinderthuiszorg krijgt. Zij zijn er om de medische zorg te verrichten die je zelf niet kan of mag verlenen. Je kunt ze dan ook altijd bellen als je hulp nodig hebt.

Ook kan je in de vorm van PGB of ZIN structurele thuiszorg krijgen. Bijvoorbeeld om een aantal nachten bij je kind te slapen wanneer deze 's nachts aan de beademing ligt en altijd toezicht nodig heeft. Maatschappelijk werk kan je helpen bij de aanvraag hiervan.

Behandelend arts Ergotherapeut Fysiotherapeut

Nazorg na ontslag uit ziekenhuis

Als je na een ziekenhuisopname weer naar huis mag, wordt dat soms als een schok ervaren. Toch zal een arts je nooit met ontslag laten gaan als hij/zij dat niet verantwoord vindt. In het ziekenhuis heb je (transfer)verpleegkundigen. Zij kunnen je helpen met het inschakelen van de juiste zorg en begeleiding wanneer je kind weer naar huis komt na een ziekenhuisopname. Ook kan een maatschappelijk werker je hierbij helpen.

De medische nazorg wordt gedaan door een arts, verpleegkundige of thuiszorg.

Een arts controleert hoe het gaat na ontslag, of een eventuele operatie goed is gegaan en of de genezing goed verloopt. Dit gebeurt vaak in het ziekenhuis.

Een verpleegkundige regelt vaak de praktische zaken voor het naar huis gaan. Soms helpt een transferverpleegkundige bij het aanvragen van zorg thuis

De thuiszorg kan helpen bij de verzorging en/of verpleging van je kind thuis. Dit kan gaan om bijvoorbeeld wondverzorging.

Wanneer jij of je kind emotionele of praktische ondersteuning (bij regeldingen) nodig hebben, dan kan een maatschappelijk werker uit het ziekenhuis je hier mee helpen.

Zorg dat je een telefoonnummer krijgt van het ziekenhuis dat je altijd kan bellen voor vragen of noodgevallen. En als er iets is, dan kan je altijd naar de spoedeisende hulpafdeling van het ziekenhuis bellen/gaan.
Op de website van Kind & Ziekenhuis staan nog meer tips.

Behandelend arts Huisarts

De gang van zaken in een ziekenhuis of andere zorginstelling rond behandeling/begeleiding

Uiteindelijk zijn elk ziekenhuis en elke instelling anders maar een aantal dingen komt bijna altijd wel overeen.

Het is handig als je je bezoek aan de arts voorbereid. Wat wil je vragen? Zijn er belangrijke dingen die je wilt vertellen? Denk daar van tevoren over na. Onder het kopje 'Voorbereiden op gesprek' in de WWW-wijzer kun je tips vinden om het bezoek aan de arts goed voor te bereiden. Ook kan je met behulp van de WWW-Wijzer een lijst met vragen maken die je aan een arts (of therapeut) wil stellen. Uitleg daarover kan je hier vinden.

Zorg dat je iets meeneemt om te doen voor jezelf en je kind. Het gebeurt regelmatig dat gesprekken met patiënten uitlopen waardoor je langer moet wachten dan gepland.

Als je bij de juiste afdeling van het ziekenhuis bent dan meld je je aan de balie. Zo weet de arts dat je er bent.

Naast de arts waar je een afspraak mee hebt, kan je nog andere mensen tegenkomen in het ziekenhuis. Een revalidatieteam bestaat uit de volgende mensen:

Andere mensen waarmee je te maken kan krijgen in het ziekenhuis zijn:

Als je klachten hebt over iets dan kan je die melden bij het ziekenhuis of de instelling. Elke organisatie heeft dat weer anders geregeld. Bij de algemene balie van je eigen instelling kunnen ze je verder helpen. Kijk voor meer informatie over klachtenregelingen ook hier.

Behandelend arts

Mijn kind voorbereiden op een ziekenhuisbezoek of een ziekenhuisopname

De meeste ziekenhuizen hebben folders waarin uitgelegd wordt hoe een dagopname voor een kind eruit ziet. Deze kun je aan de behandelend arts vragen.

Op de website Kind&Ziekenhuis is veel te vinden over hoe je je kind kan voorbereiden.

De app 'Hoi Dokter' kan jou en je kind ook helpen bij het voorbereiden en verwerken van een ziekenhuisopname.

Misschien dat ouders in een zelfde soort situatie je ook nog goede tips kunnen geven. Kijk daarvoor hier.

Ook zijn er meerdere boekjes die je kunt lezen met je kind ter voorbereiding op een bezoek aan het ziekenhuis. Het kan fijn zijn deze samen van tevoren te lezen.

Peuters en kleuters

  • Nijntje in het ziekenhuis - Dick Bruna
  • Een bed op wieltjes - Vivian den Hollander/ Dagmar Stam
  • Guusje gaat naar het ziekenhuis - Nicoline Smit
  • Lucas en de slaapdokter - Stefan Boonen
  • De koning van het ziekenhuis - Stefan Boonen
  • Jesse Pantoffel gaat naar het ziekenhuis - Henk Figee
  • Het ziekenhuis (serie ‘mijn eerste ontdekkingen’)
  • Als je naar het ziekenhuis moet - Sabine Kraushaar
  • Zieke Ieke - Gerard Sonnemans
  • Een nijptang mee naar het ziekenhuis - Karel Eykman
  • Naar het ziekenhuis - Sylvie Vanhoucke
  • Bezoekuur, alles over het ziekenhuis - Christa Carbo
  • Het menselijk lichaam (serie ‘jonge ontdekkers’)
  • Kunnen dokters ziek worden? - Dirk Musschoot
  • Je kind in het ziekenhuis, wat kun je als ouder doen? - M. van Bergen

Bron

Behandelend arts Huisarts

Iemand die ons stap voor stap begeleidt en informeert over het medische traject

Soms is het lastig om overzicht te krijgen op het medische traject voor je kind. Er zijn verschillende mensen die je hiermee kunnen helpen.

  • De behandelend arts  is degene die met je meebeslist over behandelingen. Informatie over medische behandelingen kan je bij de arts vragen.
  • In sommige centra kan een artsondersteuner je hiermee helpen. Deze heeft meestal wat meer tijd dan de arts zelf om dingen met je te bespreken. Je kunt hiernaar vragen bij de behandelend arts of bij de balie van de afdeling.
  • Voor sommige handicaps/ziektes zijn er gespecialiseerde verpleegkundigen. Zij weten veel over de diverse medische trajecten. Het verschilt per ziekenhuis of deze er wel of niet zijn. Hier kan je naar vragen bij de behandelend arts .
  • Ook integrale vroeghulp of MEE  kan met je meedenken. Het verschilt per gemeente of daar een contract mee is afgesloten of niet.
  • Als je graag wilt dat een lotgenoot met je meedenkt die hetzelfde heeft meegemaakt, dan heb je misschien wat aan Parent2parent . Je wordt dan aan een andere ouder gekoppeld, een supportouder, die jou kan helpen met je vragen. 
  • Ook is Bomenbos misschien een organisatie die jou kan helpen.
  • Misschien kan het fijn zijn om zelf meer overzicht te creëren in het traject. Hierbij kunnen de volgende sites misschien helpen: 
    Blogboek  
    Ik-boekje
    Persoonlijk gezondheidsdossier

Behandelend arts Maatschappelijk werk

Uitleg bij uitslagen van medische onderzoeken

Degene die jou het best kan uitleggen wat een uitslag van een bepaald medisch onderzoek betekent, is de behandelend arts zelf. Mocht je niet begrijpen wat de arts je vertelt dan mag je altijd om meer uitleg vragen aan de arts. Ook als je later nog vragen hebt, kun je het ziekenhuis bellen om te vragen om een telefonisch consult of een afspraak in het ziekenhuis. Dit mag gewoon en het is heel belangrijk dat je erom vraagt als je daar behoefte aan hebt.

Natuurlijk kan je ook aan andere ouders vragen wat zij weten over medische onderzoeken. Omdat ze het zelf ook mee hebben gemaakt, hebben ze veel ervaringskennis. Toch moet je daarmee oppassen. Uitslagen van onderzoeken blijven individueel en een getal zegt over het ene kind niet altijd hetzelfde als over een ander kind.
Mocht je graag contact hebben met andere ouders kijk dan hier.

Behandelend arts

Inzage in het dossier van mijn kind

Je hebt altijd en overal het recht om het dossier van je kind in te zien zolang deze onder de zestien jaar is. Op deze website van de Rijksoverheid kan je daar meer over lezen.

Het beste kan je voor het inzien van het dossier een afspraak maken met de behandelend arts. Deze kan je uitleg geven bij wat je leest. Voor een afspraak met de arts kan je bellen naar de afdeling waar deze werkt. Het telefoonnummer kan je vinden op de website van het ziekenhuis of de instelling.

Een kopie krijgen van het dossier kan ook altijd. Soms kost dit alleen wel geld voor de print- en eventueel verzendkosten. Hoe je deze aan kunt vragen kan je vaak vinden op de website van het ziekenhuis. Of je kunt het aan de behandelend arts vragen.

In sommige ziekenhuizen kan je vanuit huis zelf inloggen in het medisch dossier. Of dit kan, kan je het beste vragen aan de behandelend arts.

Andersom kunnen zorgverleners ook soms het dossier van je kind inzien. Op deze website kan je daar meer over lezen.

Behandelend arts

Medische ingrepen waar mijn kind baat bij kan hebben of die noodzakelijk zijn (in de toekomst)

Er bestaan vele medische ingrepen. Het is heel erg afhankelijk van je kind en de beperking welke behandelingen nuttig zijn. Het beste kan je dit met je behandelen arts bespreken.

Onder ''verder lezen'' noemen we een paar veel voorkomende problemen die mogelijk met een medische behandeling te behandelen zijn.

Behandelend arts

  • Bij problemen aan het bewegingsapparaat (botten, gewrichten, spieren, pezen, banden) kan een orthopeed misschien helpen. Op de website Kinderorthopedie.nl kan je daar meer informatie over vinden.
  • Bij voedingsproblemen kan er aan een sonde gedacht worden. Een sonde is een buisje waardoor voeding gegeven kan worden. Hierdoor hoeft je kind niet zelf te eten of te slikken. Er zijn verschillende typen sondes: bijvoorbeeld een neus-maagsonde, een PEG-sonde of een Mic-key button.
  • Wanneer je kind last heeft van spasticiteit is er een aantal behandelmogelijkheden. Afhankelijk van het type spasticiteit, de verdeling van de spasticiteit over het lichaam en de gevolgen van de spasticiteit op bijvoorbeeld het lopen. Een aantal belangrijke opties zijn: 
    Medicijnen - Behandeling met bijvoorbeeld medicijnen zoals baclofen of tizanidine. Behandeling door middel van medicatie heeft als voordeel dat het werkt in het hele lichaam, dus als de spasticiteit in meerdere lichaamsdelen voorkomt. Nadeel is dat ze bijwerkingen hebben.
    Botulinetoxine (Botox) - Bij behandeling met Botox wordt door middel van een injectie een spier zwakker gemaakt. Hierdoor kan de spasticiteit minder erg zijn. De injectie werkt alleen in de spier waarin het wordt toegediend en is dus zeer lokaal. Botox werkt tijdelijk en moet dus om de zoveel tijd herhaald worden. 
    Intrathecaal baclofen (ITB) - In sommige gevallen wordt er baclofen via een pompje toegediend. Dit pompje zorgt ervoor dat het medicijn direct in het ruggenmerg wordt toegediend. Hierdoor werkt het in sommige gevallen beter en met minder bijwerkingen. Het plaatsen van het pompje gebeurt tijdens operatie. 
    Selectieve Dorsale Rhizotomie (SDR) - In sommige gevallen wordt spasticiteit behandeld met een operatie. Bij zo’n operatie worden bepaalde zenuwen doorgesneden waardoor spasticiteit vermindert. Met name spasticiteit in de benen kan hiermee behandeld worden.
  • Wanneer er problemen zijn met plassen kan een katheter een oplossing zijn. Dit kan een katheter zijn door de plasbuis (CAD of transurethrale katheter), of in sommige gevallen een katheter die via een gaatje in de buikwand geplaatst wordt (suprapubisch catheter of SPC).
  • Bij ontlastingsproblemen wordt soms gekozen voor een stoma. Een stoma wordt geplaatst middels een operatie. De bedoeling van een stoma is dat de ontlasting via het stoma in een zakje komt, waardoor een kind niet meer naar het toilet hoeft. 
    Een andere mogelijkheid is colonspoelen of darmspoelen. Hierbij wordt de ontlasting op gang gebracht door (lauwwarm) water in de darm te brengen. Hiermee spoel je de ontlasting weg. Hier kun je er meer over vinden. 
    Voor je kind is dit misschien nog een leuke website.
  • Specifiek voor cerebrale parese is er een website met mogelijke interventies en therapieën. Deze is wel in het Engels.

Voor meer informatie kan je zelf ook via internet zoeken. Je kunt bijvoorbeeld zoeken op de diagnose van je kind of op het specifieke probleem dat er is. Schrijf de dingen die je vindt op voor jezelf en bespreek deze met de behandelend arts.

Misschien dat ouders in een zelfde soort situatie maar dan met een ouder kind je ook een beeld kunnen geven van mogelijke behandelingen in de toekomst. Kijk daarvoor hier.

Medische mogelijkheden in het buitenland (operaties, therapie)

Overleg een eventuele (medische) behandeling die je in het buitenland wil gaan doen altijd met je behandelend arts.

In het buitenland zijn vele behandelingen te vinden die niet in Nederland als reguliere behandeling worden aangeboden. Van sommige behandelingen is bewezen dat ze niet werken, daarom worden ze in Nederland niet aangeboden. Sommige behandelingen kunnen wel helpen maar er is (nog) niet wetenschappelijk bewezen dat ze echt werken. En sommige behandelingen lopen misschien voor op wat er in Nederland gedaan wordt.

Mocht je besluiten in het buitenland een behandeling te laten doen, informeer dan van tevoren bij de n of de behandeling (deels) vergoed wordt.
Daarbij kan je nadenken over de investering die je doet voor de behandeling en wat het resultaat is dat je eruit haalt. Hoe is die verhouding?

Misschien dat ouders in een zelfde soort situatie een behandeling in het buitenland hebben gehad voor hun kind. Wil je met die ouders in contact komen? Kijk daarvoor hier.

Behandelend arts

Nieuwe medische ontwikkelingen (operaties, medicatie, andere behandelmethoden)

Het beste kan je je behandelend arts hiernaar vragen. In principe is deze op de hoogte van de nieuwste medische ontwikkelingen.

Voor een aantal (zeldzame) aandoeningen zijn er in Nederland ziekenhuizen die gespecialiseerd zijn. Hieronder staan enkele van deze aandoeningen genoemd. Omdat deze centra gespecialiseerd zijn, weten ze vaak meer over de nieuwste inzichten en behandelingen. Vaak komen kinderen hier een of twee keer per jaar op controle.

  • Spina bifida  
  • Reductiedefecten
  • Plexus Brachialisletsel (OBPL)/Erbse Parese - VUMC , LUMC , Atrium MC Heerlen
  • Spierziekten - Voor een aantal spierziekten kun je met onderstaande zorgwijzer gespecialiseerde behandelaren vinden.
  • Cerebrale Parese (CP) - Voor cerebrale parese is er een aantal expertisecentra in Nederland. Het hangt af van de problemen die je kind heeft waar je het beste naar toe kunt gaan. Het beste kun je met de revalidatiearts bespreken waar je voor een specifiek probleem terecht kunt. Op CP-net kun je vinden welke revalidatieteams gespecialiseerd zijn in cerebrale parese.

Behandelend arts

Op richtlijnendatabase.nl vind je behandelrichtlijnen waarin informatie staat over in hoeverre behandelingen bewezen effectief zijn.

Als je het interessant vindt dan kan je wekelijks een e-mail ontvangen (in het Engels) van de Cerebral Palsy Alliance met de nieuwste wetenschappelijke literatuur over cerebrale parese. Hier kan je je daarvoor inschrijven.
Ook heeft de Cerebral Palsy Alliance een lijst met mogelijke interventies en therapieën voor CP.

Het vinden van een arts die gespecialiseerd is op een bepaald gebied

Als je een arts zoekt die gespecialiseerd is op een bepaald gebied kun je dit het beste aan de huisarts, kinderarts, behandelend arts of revalidatiearts vragen.
Je mag altijd vragen om doorverwezen te worden. Artsen werken in principe samen.
Ook kan je hier kijken voor informatie rondom nieuwe medische ontwikkelingen.
Eventueel kunnen andere ouders hierin ook adviseren. Kijk hiervoor hier.

Behandelend arts Specialist

Bereikbaarheid van onze behandelend arts(en)/therapeut, bijvoorbeeld voor een dringende vraag

Het is handig om voor jezelf een lijst te maken waarop je alle contactgegevens van alle artsen en therapeuten zet. Ook kan je iedereen vragen hoe ze het liefst met je communiceren en andersom kan jij ook je wensen aan de hulpverleners vertellen.

Als je snel antwoord wilt op een vraag kan je het beste bellen naar het ziekenhuis of de instelling. Daar kunnen ze aangeven hoe je het snelst in contact komt met de arts of therapeut.
Een telefoonnummer kan je vinden op de website van het ziekenhuis of de instelling.

Er zijn meerdere manieren om te communiceren met artsen en therapeuten:

  • een telefonische afspraak
  • een afspraak in het ziekenhuis/revalidatiecentrum
  • via e-mail (niet voor alle artsen)

Behandelend arts

Een tandarts die gespecialiseerd is in de behandeling van kinderen met een beperking

In Nederland zijn diverse Centra Bijzondere Tandheelkunde (CBT). Deze zijn onder andere gespecialiseerd in kinderen met een beperking. Je kunt bij deze centra terecht na een verwijzing door een gewone tandarts, huisarts of medisch specialist. Via de volgende link kan je vinden welk CBT het dichtstbij is. www.gezondkindergebit.nl/kind-met-slecht-gebit/cbt

Ook bieden sommige scholen voor speciaal onderwijs mondzorg aan. Vraag hiernaar op school.

Behandelend arts Tandarts

-Titel: Mondzorg bij mensen met een beperking-Schrijver: Dyonne Broers-Uitgever: Prelum-Jaar van uitgave: 2011-ISBN: 9789085620983

Mogelijkheden voor medicatie

Er bestaan vele soorten medicijnen. En ook soms meerdere medicijnen voor hetzelfde probleem. Het is heel erg afhankelijk van het kind en van de beperking welke medicijnen het beste zijn. Dit kan je bespreken met je behandelend arts.

Bij "lees meer" noemen we een paar veel voorkomende aandoeningen waarbij medicatie zou kunnen helpen. Let daarbij op dat de lijst niet compleet is en dat het per kind verschilt of bepaalde medicatie wel of niet kan.

Als een bepaald middel is voorgeschreven staat alle belangrijke informatie in de bijsluiter. Denk hierbij bijvoorbeeld aan wat je moet doen als je kind de medicatie heeft uitgebraakt en of je de medicatie mag fijnmalen om het via de sonde toe te dienen.

Je apotheker kan je ook alles vertellen over de medicatie van je kind. Zorg dat je de medicijnen altijd bij dezelfde apotheek ophaalt, zodat de apotheek altijd op de hoogte is van wat je kind gebruikt. Zij kunnen dan ook adviezen geven over medicijnen en goed opletten of bepaalde medicijnen niet negatief op elkaar reageren.

Omdat er soms vele specialisten bij je kind betrokken zijn, is het belangrijk dat er altijd een overzicht is van welke medicijnen je kind gebruikt. Neem daarom naar elk doktersbezoek een medicatieoverzicht mee en bespreek deze ook elke keer. Zo voorkom je dat er fouten gemaakt worden in de medicatie. Vraag ook aan de specialisten in het ziekenhuis of zij de huisarts op de hoogte brengen van belangrijke wijzigingen in de medicatie.

Apotheker Behandelend arts

Speciaal voor kindermedicatie is er de website Kinderformularium

  • Spasticiteit - Voor spasticiteit bestaat een aantal middelen. Sommige kunnen in pil-of tabletvorm worden toegediend. Soms worden middelen via een pomp of via een injectie toegediend. Zie ook de tekst hier .
  • Maagklachten/maagzuur - Uitgebreide lijst met diverse medicatiemogelijkheden 
  • Pijn - Tegen de behandeling van pijn zijn grofweg drie groepen medicatie te onderscheiden. De meest gebruikte is paracetamol. Dit middel werkt tegen pijn en koorts, en heeft relatief weinig bijwerkingen. De tweede groep zijn de zogenaamde NSAID’s. NSAID staat voor Non-Steroid Anti-inflammatory Drug. Dit betekent dat het een middel is tegen ontstekingen dat geen steroïde is (een voorbeeld van een steroïde is prednison). NSAID’s worden veel gebruikt. Voorbeelden zijn diclofenac, naproxen en ibuprofen. Ze verschillen allemaal iets qua werking. Belangrijke nadelen van NSAID’s zijn dat ze maagklachten kunnen geven, en soms nierfunctiestoornissen.
    De laatste groep zijn de opioïden. Dit zijn sterk werkende pijnstillers die vergelijkbaar zijn met morfine. Ook in deze groep zijn er veel verschillende opties, zowel in tabletvorm, voor het infuus maar ook via een pleister. Hoewel deze middelen vaak goed werken kunnen ze snel obstipatie geven, en kunnen ze soms ook verslavend werken.
    Meer informatie over pijnstillers staat is hier te vinden. Op www.pijnstillerinfocentrum.nl staat ook een uitleg (let op, dit is informatie van een fabrikant en kan dus reclame bevatten)
  • Epilepsie – Uitgebreide lijst met medicatie , doseringen, bijwerkingen en voor welk type epilepsie deze gebruikt kunnen worden.
  • Ontlastingsproblemen - Veel kinderen hebben last van obstipatie (niet meer kunnen poepen). Obstipatie kan veroorzaakt worden door bepaalde medicatie. Ook kinderen die veel in een rolstoel zitten, kunnen last hebben van obstipatie. Er bestaan verschillende typen medicijnen tegen obstipatie, bijvoorbeeld Movicolon/Forlax en magnesiumoxide. In sommige gevallen wordt er gestart met darmspoelen. Informatie daarover is hier  te vinden. 
  • Infecties - Bij infecties die worden veroorzaakt door een bacterie is het soms nodig om antibiotica te nemen. Antibiotica zijn middelen die het vermenigvuldigen van bacteriën remmen of de bacteriën doden. Er zijn een heleboel verschillende antibiotica, die vaak nét iets anders werken. Ook zijn verschillende soorten bacteriën gevoelig voor bepaalde antibiotica. Het belangrijkste nadeel van antibiotica voor de patiënt is dat je diarree kunt krijgen doordat de goede darmbacteriën ook gedood worden. Een ander groot nadeel is dat bij onjuist gebruik de bacteriën resistent kunnen raken. Dit wil zeggen dat ze niet meer doodgaan van een antibioticum. Een infectie met die bacterie kan dan niet meer behandeld worden met dat middel. In uitzonderlijke gevallen worden antibiotica voorgeschreven om te voorkomen dat een kind een infectie krijgt. Voor infecties die veroorzaakt worden door een virus, zoals verkoudheid of griep helpen antibiotica niet. 
    Voor meer informatie kan je hier kijken.

Voor artsen en professionals is er het farmacotherapeutisch kompas. Hierop staat veel technische informatie over medicijnen.

Ook hier kan je meer informatie vinden.

Het toedienen van medicatie

Er zijn vele verschillende soorten medicatie en verschillende manier van toedienen ervan. Je kunt daarbij denken aan oraal (via de mond in pilvorm, poedervorm of vloeibaar), via een sonde of een infuus of rectaal (via de anus).
Niet elk medicijn kan op elke manier worden toegediend.
Voor vragen over het toedienen van medicijnen kan je terecht bij:

  • De apotheek
  • De arts die het medicijn heeft voorgeschreven
  • Een verpleegkundige/thuiszorg
  • Voor noodgevallen (bijv. in geval van braken) mag je altijd de apotheek of het ziekenhuis bellen voor advies.

Mantelmama geeft ook nog diverse tips voor het toedienen van medicatie.

Apotheker Behandelend arts

Wat vind je ervan? Laat hier je reactie achter.