Rollen voor opvoeders en verzorgers.

Erwin Wieringa

Wieringa is een pedagoog en pionier met veel ervaring in het sterker maken van mensen met een beperking en de begeleiding van hun ouders in het gevecht voor een goed bestaan voor hun kind. Wieringa heeft de persoonlijke toekomstplanning in Nederland geïntroduceerd. Wieringa laat ons zien welke rollen een ouder heeft voor een opgroeiend kind. En onthult hoe die rollen maar blijven voortduren bij een zorgkind. Het gaat grofweg om vier rollen. Ieder met een eigen betekenis en gevolg.
 

We noemen ze kort:

  • verzorger/voeder
  • cultuuroverdrager
  • woordvoerder/ belangenbehartiger
  • anker/supporter


De eerste drie van deze rollen vervul je natuurlijkerwijze voor je kind tot het zelfstandig is en voor een aantal van hen nog wat langer, tot ze uit huis gaan. Dit alles voor zover nodig en dikwijls tijdelijk. Wieringa geeft aan dat ouders van een zorgkind veel langer dan anderen en veel vaker dan anderen ook de verzorgerrol, de woordvoerder en cultuuroverdrager zijn. Terwijl eigenlijk alleen de anker/supportersrol een blijvende is, is de inzet van ouders van zorgkinderen t.o.v. de anderen uit balans. Hebben zij daar voor gekozen? Nee. Hebben ze daar blijvend de mogelijkheden voor? Niet oneindig.

Wieringa houd ons een spiegel voor. Daarin zien we dat ouders van een zorgkind veel langer in rollen blijven die eigenlijk niet meer bij de kalenderleeftijd horen. Hoe complexer de zorg of ondersteuningsvraag hoe vaker dat optreedt. Hoe gezond is dat? Hoe logisch is het dat deze persoon in zoveel gevallen de cultuur, de normen, waarden, de overtuigingen, de adviezen, de verzorging en de stem van zijn opvoeders en verzorgers naleeft of leert?
 

Opdrachten en vragen

Kijk eens op: www.erwinwieringa.nl/Doorgaan.pdf. Het boekje is geschreven voor mensen met een niet aangeboren hersenletsel (NAH), maar is op heel veel situaties toepasbaar! Kijk eens of je – al of niet samen met je kind – onderwerpen uit het boekje kunt bespreken?

Wat kom je tegen? Wat steunt? Wat wordt duidelijker? Waar zijn drempels?

Bedenk over dit thema drie vragen of stellingen waarmee je in gesprek gaat met iemand die dicht bij jou/jullie staat.